Federatie

Pastorale eenheid

St.-Willibrordus Neerpelt

neos kerst1
neos kerst2jpg
neos kerst3

Nieuwjaarsbrief voor de leden van Neos Pelt

Dit weekend heeft de stuurgroep van Neos Pelt aan alle leden een attentie aan huis bezorgd : hondervijfendertig kerstrozen met daarbij een authentieke nieuwjaarsbrief zoals wij die vroeger in de lagere school schreven en “declameerden” voor onze (groot)ouders, peters en meters en waarbij we niet zelden een zakcentje als beloning kregen.

 

Voor ons oudste lid Jan ( 90 lentes jong ) zag de nieuwjaarsbrief er als volgt uit:

 

Beste Jan,


Aan het begin van ‘t nieuwe jaar

Liggen voor u onze wensen klaar.

Wij vinden onze leden allen even lief

en lezen hun, als een kind een nieuwjaarsbrief.

Dat vieze virussen uw huis mogen voorbijgaan,

de bewoners zich opperbest blijven verstaan.

Al weten we, zijn ze ver weg of zijn ze thuis,

die van Neos zijn toch steeds het zonnetje in huis.

En nu Corona ons zo te grazen heeft genomen,

mag het vaccin ook stilaan komen.

 

Wij staan als stuurgroep lang te wachten,

met andere, betere plannen in gedachten.

Kijk intussen naar de sterren, want wat staat er?

Knuffelen, kussen, dansen ……. doen we later!

 

Een Zalig en Gelukkig Jaar!

Vol warmte en vol troost!

Gezondheid en spijts alles : tot binnenkort, Proost!

 

Jouw lieve kapoenen,

Stuurgroep Neos

Pelt, 1 januari 2021.

HET ZAL NIET ‘IETS’

MAAR ‘IEMAND’ ZIJN


Hoop brengen in bange tijden,

recht laten geschieden waar veel onrecht is,

genezing voor wiens hart gebroken,

bevrijding voor wie vast zit in oordeel en in angst.

Van mooie woorden zal het heus niet komen,

papier is heel geduldig weet u wel.

Door wijsheidsstromen vloeiden vele woorden,

massa’s ideeën raasden door de geschiedenis.

Zij die arm zijn trekken nog steeds aan ‘t kortste eind,

rijken willen vooral rijker worden.

Neen, de boodschap is dat ieder hoop mag putten,

dat ieder vree en vreugde, toekomst vinden mag.

‘t Zal gebeuren dat een ongekende op zal staan,

midden tussen jullie door zal lopen,

angst en wanhoop met zich meeneemt

en een spoor van licht en goddelijke vonken achter laat.

Geloof dat Hij te kennen is in de kleine goede daden,

de zorg, het volgehouden mededogen,

de blijdschap, de verwondering om het goede en het schone,

en meest van al, waar Hij aan kleine mensen recht verschaft.


Kris Buckinx

Dialoog met God


Ik zie en hoor wat er ons overkomt.
Ik word bang en ongerust. En kwaad.
Ik kan het niet geloven.
‘God, mijn God,
hoe vaak heb ik het al beleden:
‘Ik geloof in één God, de almachtige Vader,
schepper van hemel en aarde..’
Maar nu weet ik het niet meer.
Toen u hemel en aarde schiep,
zag u dat het ‘goed’ was,
en toen u de mens schiep,
zag u zelfs dat het ‘heel goed’ was.
Goed? Heel goed?
Wie kan dit goed noemen wat ons overkomt?
Mensen die pijn hebben, dichtbij ons.
Ik denk ook aan de mensen in de vluchtelingenkampen.
Waarom doet u daar niets aan?
Waarom laat u dit gebeuren?
God, als u bestaat,
als u alles gemaakt hebt
en als u zo goed bent als wij altijd zeggen,
dan kan u dit toch niet laten bestaan?’

Het blijft stil aan de andere kant.
God geeft geen antwoord.
Misschien heeft Hij ook wel geen antwoord.
Ik word er stil van.
En dan zie ik de beelden van de lijdende mensen
die mij aankijken met één grote vraag:
‘Waarom doe jij hier niets aan?
waarom laat jij dit zomaar gebeuren?’

En ik begin te begrijpen
dat God misschien niet het antwoord is op onze vragen,
maar zelf de vraag.

Ik word er opnieuw stil van
en zoek vergeefs naar een antwoord,
tot ik, diep in mij, een zachte stem hoor:

‘Ik ben er voor jou;
wil jij er ook zijn voor Mij en voor mijn mensen?’


Tekst vanuit Bisdom Hasselt, geschreven door Paul Vereecke.

Vierde zondag van de advent:  Huis van de hoop


Uit de Welzijnszorg campagne:


Advent is verwachtingstijd; we wachten op de komst van de Heer. We willen Hem een thuis geven, een plaats waar Hij mag wonen. God zoekt onderdak bij jou en bij mij, bij iedereen. Hij wil in levende mensen wonen. Maar... Maken wij nog ruimte in ons hart vrij voor Hem? Maken we nog ruimte vrij voor mensen die geen betaalbare woning kunnen vinden? Onze solidariteit met hen is een teken van hoop voor hen.
Vier weken zien we uit naar Zijn licht, het warm licht voor de meest kwetsbaren en armen in onze samenleving. Welzijnszorg heeft een solidair licht, dat hopelijk mag groeien, opdat ieder mens kan thuiskomen in een goede en veilige woning.

In ieder van ons zit een drijfveer. We werken iedere dag voor ons dagelijks brood. We spreken met elkaar, en houden zo de vlam van menslievendheid brandend. Hierbij denk ik aan de woorden die David sprak, en aan de woorden van Maria.

David, de machtige koning, die vond dat God beter zou passen in een tempel. Hij wilde de mooiste tempel voor Hem bouwen. Maar de profeet zei dat God zich niet wil binden in prachtige tempels. ‘God is liever dicht bij zijn mensen, zo is Hij altijd met hen meegetrokken, daar is God thuis. God wenst geen huis van steen.’

Voor de menswording van Zijn Zoon koos God een eenvoudig meisje uit een doorsnee gezin. Zij werd uitverkoren door Hem om Zijn zoon te ontvangen. De engel zei tot Maria: ‘Maria, jij zal een zoon ter wereld brengen, die de zoon van God zal genoemd worden. De Heer is met u, vrees niet.’ 
De engel komt tot ons en zegt ons: “Jij kan de vrede ter wereld brengen, de gerechtigheid, de toekomst. Jij kan een einde maken aan de wanhoop, de armoede, het onrecht, het geweld, de schuld, het misbruik. Jij kan verandering brengen en het ieder voor zich ombuigen in delen en herverdelen. Jij kan het. Samen met andere mensen van goede wil.’

Durf jij dat aan, die uitdaging? Durf je dat geloven? Of denk je dat je te klein, te breekbaar bent? Misschien heb je wel tientallen argumenten om te vertellen dat jij niet die mens kan zijn waarin God geboren wordt. Want je hebt het te druk, je vindt dat je zo al niet genoeg tijd hebt voor de mensen om je heen. Hoe zou je dan iets van God kunnen uitstralen? God woont daar waar mensen ‘ja’ zeggen. Door ons ‘ja’ krijgt de vraag of we als David of als Maria naar Kerstmis gaan een duidelijk antwoord.
Weten we niet meer hoe groot de liefde van God voor ons is?  Verliezen we hartstocht voor gerechtigheid? Kijken we nog wel op als we horen van grondeloos onrecht en uitsluiting? Word de betekenis van het woord ‘solidariteit’ vergeten? We zijn zo bezig met andere dingen, meestal materiele dingen, ze gaan voor op bezinning.

God bouwde een wereld voor ons. Maria kreeg de zoon van God, en voor ons kwam er vrede in de wereld. Onze boodschap is het om vrede te brengen overal waar we komen, maar ook om vrede te zijn. Door vrede te brengen in ons hart kunnen we vrede aan elkaar schenken.

Waarom moeite doen? Ik hoor jouw bedenking. Door moeite te doen om vrede in het eigen hart te bewaren, schenk je ook vrede in het hart van je naasten. Ooit zei er iemand: ‘Verbeter de wereld, begin met jezelf’. En ja, als er vrede in het eigen hart bestaat, strooi je zonder het te weten én helemaal gratis diezelfde vrede in het rond. Vrede brengt hoop mee. Anderen zien en voelen het wat jij rondstrooit, en ze plukken er vredepluimpjes van af, die ze dan onopgemerkt zo doorgeven aan derden. En zo kan het wel; een betere wereld voor jou en voor mij, voor iedereen.  God woont onder ons, Hij is in ons, in wat Hij zegt, in wat Hij met ons doet. Vandaag en alle dagen die komen.
We zien uit naar de geboorte van Jezus.


Eveline Lemmens

ONBETAALBAAR

 

Ze zijn onbetaalbaar,

zij die een neus hebben

voor de kleine noden van hun buren,

zij die maar een half woord

nodig hebben om te verstaan,

zij die altijd iets extra in de ijskast

hebben voor een plotse gast.

Ze zijn onbetaalbaar,

zij die steeds weer

de vinger op de open wonde leggen,

zij die geduld opbrengen

voor altijd weer dezelfde vragen,

zij die tegen beter weten in

toch maar opnieuw beginnen.

Ze zijn onbetaalbaar,

zij die achter regels en wetten

de mens zien, ook de sukkelende,

zij die begrip opbrengen

voor hen die zich de derde keer stoten,

zij die willen geloven dat mensen

op hun manier echt hun best doen.

Ze zijn onbetaalbaar

zij die met open ogen leven

en met een open hart,

die weten dat zelfs rechtvaardige wetten

mensen niet altijd tot hun recht laten

komen.

Ze zijn on-be-taal-baar

zij die met vreugde gerechtigheid

beoefenen

God zal hen tegemoetkomen.


Kris Buckinx

MOETEN EN MOETEN

 

Ook al staan we erg op onze

vrijheid, hebben we een broertje dood aan

‘moeten’, toch neemt het aantal wetten,

regels en afspraken

toe met de dag.

Samenleven heeft iets van een contract:

rechten en plichten die moeten worden

nageleefd.

Recht moet geschieden, wet is wet.

Zonder pardon.

Er is ook een ander moeten,

dat van het ‘niet anders kunnen’.

Het ‘moeten van de liefde’ heet het ook.

Naakten kleden, hongerigen voeden, voor

ieder een betaalbaar dak boven het hoofd,

armoede ook structureel bestrijden.

Dit moeten heeft met verbondenheid van

doen met verantwoordelijkheid ook,

in alle vrijheid.

‘Moeten en moeten’, het staat ons beiden

te doen.

Samenleven vraagt om afspraken,

om een wet, om een contract.

Maar het samenleven wordt pas leven

als verbondenheid er vorm krijgt,

als het ‘moeten van de liefde’

handen krijgt en voeten.

Als de verdrukte en verknechte

medestanders voelt die willen vechten.

Niet omdat het leuk of prettig is,

maar omdat ze ervan overtuigd zijn dat dit

‘moeten’ leven geeft en leven doet,

in alle vrijheid.

 

Kris Buckinx uit ‘Op het andere been’

Halewijn

Derde zondag van de advent:  Huis voor iedereen


Kerstmis nadert. Deze week is de derde week van de adventstijd. We zien hier en daar kerstlampjes branden in de straat. Kerstbomen staan hier en daar reeds opgesteld in huis en schitteren met hun fonkelende kerstlichtjes. De kerstbomen worden vroeger geplaatst dit jaar, dit met als enige reden een teken van hoop te zijn in deze coronatijd. Enkel maar toe te juichen.

Wat niet toe te juichen is, is de erbarmelijke situatie van arme, minderbedeelde mensen. Voor hen zijn het donkere dagen, ze zitten letterlijk in de duisternis. Mensen wiens hart gebroken is, mensen die gevangen zitten in vooroordelen en angst. Mensen in lamentabele woonsituaties. Terecht dus zijn de acties van Welzijnszorg die daar de aandacht op vestigen. Gerechtigheid hoort er te zijn voor iedereen.

Kerstmis. Een tijd van verwachting. We kijken niet uit naar ‘iets’. We kijken uit naar ‘iemand’ die de mantel der gerechtigheid draagt. ‘Iemand’ die ons allen bij de hand neemt en ons meevoert tot heiligheid. We zien uit naar Zijn warme licht, ook voor de meest kwetsbaren en armen in onze samenleving. ‘Dat ze gaan werken voor hun geld’, wordt er al te vlug gezegd. Maar helaas, wie nooit in armoede heeft gezeten weet niet hoe het is en hoe het aanvoelt om echt arm te zijn. Er wordt ook vlug gezegd: ‘Ik kan ook rondkomen met maar 50 euro per week’. Maar het effectief eens doen, het echt eens uitproberen, dat gebeurt niet.

Met de derde kaars die we aansteken op onze adventskrans, wil de actie van Welzijnszorg, en ik lees uit hun campagne: ‘.... ons erop wijzen dat we ieder mens kunnen laten thuiskomen in een goede en een veilige omgeving. Het laat ons zien dat ook wij ons licht kunnen laten schijnen op situaties van onrecht en onverschilligheid.
God wil bij ons wonen. Toch zijn we overtuigd van ons eigen gelijk en verhinderen we vaak Zijn goede werking op ons leven. God wil onder ons zijn. Toch vinden we dat we gelijk hebben als we geen oog hebben voor mensen die wel in Zijn voetsporen lopen. God wil samenzijn met ons. Maar overtuigd dat we zijn van ons eigen gelijk zien we te weinig in dat we ons eigen geluk en het geluk van hen die we zo graag zien, soms wel eens in de weg staan.
Zijn we de betekenis van barmhartigheid vergeten? Zijn we vergeten dat ons werd geleerd: ‘Midden onder U staat Hij die gij niet kent’? God bestaat, Hij is er echt. Wij kunnen niet bepalen wat goed of kwaad is, wat gerechtigheid is. Alleen de Heer doet gerechtigheid ontluiken.

Welzijnszorg bestaat meer dan vijftig jaar, en al die jaren kaart deze organisatie de ongelijkheid aan. Jammer genoeg neemt deze ongelijkheid eerder toe dan af. We vinden het normaal dat iemand meer dan 1 of 2 huizen bezit en een ander er geen heeft. Wij tolereren dat er mensen zijn die zichzelf macht toe-eigenen en het altijd voor het zeggen willen hebben, terwijl anderen, vooral arme mensen, aan het kortste eind trekken. We dromen het misschien anders, maar zolang er mensen zijn die op hun vierkante meter god willen zijn, blijft voor velen de duisternis.’

Toch, het kan ook anders. De boodschap is dat iedereen hoop mag putten, dat ieder vrede en vreugde, toekomst en perspectief mag vinden.
We kijken even naar het Credohuis. Vzw JoLi is de oprichter van en ondernemingsvorm achter het Credohuis Pelt, en werd opgericht op 27 september 2017. Het is een project in Sint-Huibrechts-Lille, dat door Welzijnszorg gesteund wordt. In het Credohuis kunnen dak- en thuisloze jongeren terecht voor ondersteuning en groei naar zelfstandigheid.
Meteen denk ik hierbij aan een jongeman, 22 jaar, die ik ken van een plek waar ik werkte, in een andere stad. Hij werd verstoten door zijn moeder én vader, omdat hij een ‘hard kopke’ heeft, zo waren zijn moeders’ woorden. Hij moest maar op straat gaan slapen; zijn ouders konden niets meer voor hem doen. Nergens kon hij terecht, en door de vele ‘Neen, ik kan niets voor je doen’ - antwoorden op zijn vraag om hulp - want hij was te jong voor mannenopvang en te oud voor kinderopvang – werd hij agressief en verdroeg tenslotte geen ‘nee’ meer. Geen enkele instantie kon hem opvangen wegens overbezetting, maar ook omdat hij agressief was, dus ‘niet geschikt bevonden om met andere bewoners in rust samen te leven’. Toch snakte hij naar een onderkomen, een huis waar hij terecht kon; hij snakte naar rust in zijn leven en in zijn hoofd.
Ieder moederhart wordt week hiervan... Het mijne toch. Hoe konden wij destijds hulp bieden? Met liefde, tijd en aandacht gingen we in de werkplek op zoek naar de verborgen talenten van deze jonge man, en zochten een schutplaats voor hem, zodat hij een volwaardige plaats kreeg in onze maatschappij, en van waaruit hij een job kon beginnen. Hij kreeg een start naar een ‘nieuw’ leven.

Ik lees nog verder uit Welzijnszorg: ‘Als christen mogen we mensen van hoop zijn. Dit niet alleen tonen via de kerstboom, maar tonen met het hart.’

Daarom dat ik u allen vraag om de projecten van Welzijnszorg te steunen. ‘Hiermee kunnen zij samen met mensen in armoede, hun stem verheffen, en in alles de vraag kunnen blijven stellen wat de gevolgen zijn voor mensen in armoede. Vooral de grote ongelijkheid moet teruggedrongen worden. Ook in onze gemeenschap staat vandaag ‘iemand’ die het licht is voor onze wereld.’
Hij is er, ik geloof dat. Van Hem getuigen is een belangrijk teken voor iedereen. Laten we volhouden om het goede te blijven doen; dat we beter aanvoelen dat solidariteit en dienstbaarheid behoorlijk belangrijker zijn dan consumeren.’


Eveline Lemmens

Wonen

 

Wonen is een kunst geworden.

Kent God daar ook iets van?

Waarschijnlijk wel, als je ziet hoe hij de zwaluw haar nest laat bouwen,

hoe hij de bijen en de mieren laat omspringen met ruimte.

Dan zal Hij ook wel iets te vertellen hebben

over de kunst van het menselijk wonen.

Daarvoor zette Hij een meesterlijk scenario op.

Hij weeft zijn bestaan naadloos aan het onze

en aan die kleine, gewone mensen die niet aan onderdak geraken

en aangewezen zijn op een stal van niemendal.

Zo laat Hij ons zien waar het op aan komt.

De kunst van het wonen zit van binnen.

Zit hem niet in de kleurencombinatie

of in de laatste nieuwe materialen.

De kunst van het wonen zit hem in de ogen en in het hart.

Daarmee bouw je een huis, een onderdak voor mekaar.

Dat droomhuis van God heeft ook een maatschappelijke dimensie.

God heeft de mens niet gemaakt

om haveloos en dakloos door het leven te gaan.

Geen mens is gemaakt om zonder vaste stek rond te dwalen

in de naamloosheid van een stad.

En geen kind mag geboren worden in een stal.

Dat we van het wonen een cultuur hebben gemaakt

is een fantastische vooruitgang,

maar dat moet ons juist aanzetten

om er alle mensen aan te laten deelnemen.

 

Manu Verhulst, Neem en lees, 36-37

Dialoog met God


Ik zie en hoor wat er ons overkomt.
Ik word bang en ongerust. En kwaad.
Ik kan het niet geloven.
‘God, mijn God,
hoe vaak heb ik het al beleden:
‘Ik geloof in één God, de almachtige Vader,
schepper van hemel en aarde..’
Maar nu weet ik het niet meer.
Toen u hemel en aarde schiep,
zag u dat het ‘goed’ was,
en toen u de mens schiep,
zag u zelfs dat het ‘heel goed’ was.
Goed? Heel goed?
Wie kan dit goed noemen wat ons overkomt?
Mensen die pijn hebben, dichtbij ons.
Ik denk ook aan de mensen in de vluchtelingenkampen.
Waarom doet u daar niets aan?
Waarom laat u dit gebeuren?
God, als u bestaat,
als u alles gemaakt hebt
en als u zo goed bent als wij altijd zeggen,
dan kan u dit toch niet laten bestaan?’

Het blijft stil aan de andere kant.
God geeft geen antwoord.
Misschien heeft Hij ook wel geen antwoord.
Ik word er stil van.
En dan zie ik de beelden van de lijdende mensen
die mij aankijken met één grote vraag:
‘Waarom doe jij hier niets aan?
waarom laat jij dit zomaar gebeuren?’

En ik begin te begrijpen
dat God misschien niet het antwoord is op onze vragen,
maar zelf de vraag.

Ik word er opnieuw stil van
en zoek vergeefs naar een antwoord,
tot ik, diep in mij, een zachte stem hoor:

‘Ik ben er voor jou;
wil jij er ook zijn voor Mij en voor mijn mensen?’


Tekst vanuit Bisdom Hasselt, geschreven door Paul Vereecke.

6 december 2021: de tweede zondag van de advent


Huis van Barmhartigheid


Als het adventstijd is, voel ik me anders dan anders. Adventstijd is een speciale tijd. Vier weken om uit te zien naar Jezus, naar het licht in ons leven. Vier weken lang zien we uit naar zijn warm licht. Zijn woorden doorstromen en verwarmen ons. We kunnen onszelf en met een beetje hulp, elkaar voorbereiden op de komst van Jezus.
Uitkijken naar kerstmis in deze coronatijden maakt van deze adventstijd wel een heel speciale tijd. We leven in een periode waarin we op elkaar aangewezen zijn maar ook het belang van de nabijheid van familie nog meer inzien. Corona brengt veel afstand en leed en ziekte mee, maar corona brengt ook iets goeds mee: het samenzijn. In het dagelijkse leven meer op elkaar kunnen bouwen en vertrouwen, dieper liefhebben, want er is tijd in overvloed om deze gevoelens voor zich te laten spreken.

Ja, we kunnen kerst vieren, ook in deze coronatijd. Weliswaar niet zo uitbundig als de voorbije jaren, en ook niet met iedereen zoals de voorbije jaren. We eren nog steeds de maatregelen, want gezondheid staat voorop, en als voorlopig afstand houden erbij is, dan zij het zo, maar ooit wordt het weer beter.
Ja, we kunnen kerst vieren. Ieder op zijn manier, ook zonder toeters en bellen. Het begint met de adventsweken bewuster te beleven, met stilte in ons hart, en indien mogelijk wat stiltemomenten inroepen in het dagelijkse leven.
In deze vier weken van adventstijd kunnen we misschien meer aandacht schenken aan ‘Huis van barmhartigheid’. Dit is het thema van de tweede zondag van de advent. God wil bij ons komen wonen. Daarvoor moeten heuvels afgegraven worden en dalen opgehoogd, telkens weer opnieuw. Laat er geen afstand bestaan tussen jou en je partner, tussen jou en je buren, tussen jou en je medemensen. Zorg voor nabijheid i.p.v. achterdocht of gramschap, wrevel of ergernis. De sleutel hiertoe is barmhartigheid. Wees zoals een herder die oog heeft voor zijn schapen; en hebt ook oog voor kwetsbare mensen, en voor wie het moeilijk heeft. Hier wil ik even dit liedje aanhalen: ‘Tot zevenmaal zeventig maal, vergeef ik een ander zijn schuld. Tot zevenmaal zeventig maal; de Heer heeft met mij ook geduld.’
Al zingend iemand vergeven... Het maakt het eigen hart veel luchtiger. De weg van vergeving kan moeilijk zijn, maar de beloning is samenhorigheid, solidariteit, én barmhartigheid. Kijk naar de mensen in de zorg: zij geven handen en voeten aan wat barmhartigheid betekent. Zij blijven oog hebben voor wie zorg en warmte nodig heeft.
Mijn adventswens voor jullie allen: Wees gelukkig. Wees waakzaam. Wees als een herder die bijzondere zorg draagt voor kwetsbare mensen, groot en klein. Schenk vertrouwen in het goede en in het leven. Zorg voor ‘echtheid’ in de verbinding tussen mens en God.


Eveline Lemmens

advent 1
advent 2

29 november 2020: de eerste zondag van de Advent


De Advent is de tijd van voorbereiding op het kerstfeest; de tijd waarin de komst en wederkomst van Jezus Christus wordt verwacht. Het is de voorbereidingstijd op het Kerstfeest, de geboorte van Jezus Christus ruim 2000 jaar geleden. De adventsperiode van dit jaar loopt van zondag 29 november t/m donderdag 24 december en duurt 26 dagen.
De vier adventszondagen handelen om thema’s van Welzijnszorg, en dit jaar behandelen ze het thema ‘Wonen: Wonen onbetaalbaar? Dat is onaanvaardbaar!”.
Met deze campagne brengt Welzijnszorg de woonproblemen bij mensen in armoedesituaties onder de aandacht.
Uit de campagne heb ik genoteerd: “Goed wonen is het begin van alles. Zonder dak boven je hoofd en een thuisgevoel kan je niet vooruit in het leven. Slecht wonen heeft een negatief effect op je gezondheid, je sociaal- en gezinsleven, op de onderwijskansen van je kinderen en je eigen kansen op de jobmarkt. Een sociaal rechtvaardig woonbeleid is dan ook onontbeerlijk in de strijd tegen armoede.
Woningen zijn vaak van slechte kwaliteit,  het gebrek van sociale woningen, duwen mensen in armoede in diepere problemen. Meer betaalbare woningen is de basis om de problemen op de woonmarkt op te lossen, mar het is niet voldoende.
Uitsluiting en discriminatie op de woonmarkt, omwille van afkomst, socio-economische statuut en gezinssituatie komen nog veelte vaak voor en versterken uitsluitingen op andere vlakken.
In aanmerking komen voor een sociale woning maakt niet alleen dat men heel lang op een wachtlijst moet staan, er zijn ook weinig keuzemogelijkheden. Onbetaalbaar, ongezond, ongelijk en onzeker. Dit is de situatie van mensen in armoede op de woonmarkt.”

Als jij dit leest... wat doet dit met jou? Wetende dat er mensen zijn die in een woning met beschimmelde muren moeten wonen omdat ze niets anders kunnen vinden of van het kastje naar de muur worden gestuurd in de hoop op een sociale woning.. Om moedeloos van te worden.

Nog wat tekst uit de campagne: “Betaalbaar wonen is eigenlijk een fundament. Hoe kunnen mensen die in armoede zijn een goede woning vinden? Hoe kunnen zij een vast adres hebben? Hoe kunnen zij een veilige haven bieden aan hun kinderen? Mensen met een heel laag inkomen worden soms geconfronteerd met een hoge woonkost en hoge energiefacturen, en dan is er geen financiële ruimte meer. Ze moeten besparen op nodige uitgaven zoals voeding, kleding, medische uitgaven, om de woonkost te kunnen blijven betalen. Behoorlijk wonen is een grondrecht. Wonen in een goede woning is leven in menswaardige omstandigheden. Wonen in een goede woning waar het gezin veilig en gezond kan wonen, is van essentieel belang. Het recht op wonen in een gezond huis is nochtans niet gegarandeerd voor mensen in armoede. “
Lieve mensen, steun Welzijnszorg, want uw geld wordt uiteraard goed besteed. Aan mensen die het heel goed kunnen gebruiken. Steun Welzijnszorg, want samen kunnen we het verschil maken.
Want onbetaalbaar is onaanvaardbaar.


Eveline Lemmens